Gregor Schneider (1969)

 


Mijn onderzoek en mening over het werk van Gregor Schneider.

Gregor Schneider, bekend van spraakmakende installaties, foto en beeldhouwwerk.
Geboren onder de rook van het Duitse Ruhrgebiet in de stad Rheydt en momenteel werkzaam in Mönchengladbach maakt deze kunstenaar de meest beklemmende en claustrofobische kunst die men zich maar voor kan stellen. In een voormalig huurhuis van zijn ouders bouwt hij gestaag aan zijn psychopathisch aandoende ruimtes. Kamers worden absoluut smetteloos steriel wit gemaakt, ingericht met roestvrij staal sanitair uit één stuk of een al even smetteloos wit matras op een soort gevangenisbrits aandoend onderstel.
Het kost weinig moeite om hierin een psychiatrische kliniek te zien of de verhoorruimte van een geheime dienst zoals de voormalige Stasi, of een combinatie van deze twee.
Maar ook de gore plekken met smoezelige plinten en schijnbaar natgepieste muren enkel verlicht door één of ander kaal peertje doen qua beklemmend gevoel niet voor elkaar onder.
Wie dan zoals ik het Ruhrgebiet goed kent, herkent gelijk de twee uitersten die men hier aan kan treffen. Aan de ene kant het onberispelijke en met Duitse Gründligkeit geconstrueerde deel en aan de andere kant de verpaupering zoals die opgeld doet bij de in sociaal opzicht zwakkere milieus maar waar nog een zweem van voorbije en burgerlijke invloeden valt waar te nemen. Ook de verlaten dorpen in deze omgeving die moeten gaan wijken voor de hier nog grootschalig bedreven open mijnbouw vertonen dezelfde desolate en sinistere indruk als de installaties van Schneider.

Schneider die van 1989 tot en met 1992 in o.a. Düsseldorf, Münster en Hamburg aan de kunstacademie studeerde begon zijn artistieke loopbaan op zijn twaalfde jaar door naakte pubermeisjes te schilderen. Rond zijn zestiende is hij met zijn levenswerk “haus ur” begonnen, het verbouwen van zijn ouderlijk huis. Voor militaire dienst werd hij afgekeurd omdat men hem “waarnemingsgestoord” bevonden had.
Onwillekeurig roepen de beelden die we van zijn werk kennen associaties op met geheime kelders waar kinderen worden verkracht en vermoord. Beelden die we kennen uit de media zoals bij de zaak Dutroux en vergelijkbare gevallen zoals in België en Oostenrijk. Je gaat je afvragen wat deze kunstenaar bezielt, of wat hij probeert te zeggen met deze naargeestige werken. Duidelijk is in ieder geval dat hij iets met ruimtes heeft en ze zoals hijzelf zegt “o.a. ziet als een tweede huid” Een huid die hij dan in ieder geval perfect onder controle wil houden gezien alle moeite die hij zich getroost om een ruimte helemaal naar zijn eisen te transformeren. Geen daglicht, maar licht waarvan hij uitmaakt hoe sterk het is en of het sowieso aan dan wel uit is. Ook de ventilatie gaat niet langs de natuurlijke weg maar via elektrische ventilatoren die aan en afzuigen. Geen enkel geluid mag van buiten naar binnen dringen of andersom en om dit te bewerkstelligen worden de ruimtes geïsoleerd met alles wat maar dempt en afgedekt met loden platen. Of dat niet genoeg is heeft hij zelf een fictieve levensgezellin bedacht die met hem samenwerkt en verantwoordelijk is voor de creatie van de neplijken die overal in de woning liggen uitgestald. Hij is daarbij nog een moeilijk benaderbaar persoon die op veel vragen zoals die door journalisten worden gesteld geen antwoord kan of wil geven. Dat laatste is niet helemaal duidelijk omdat hij meestal reageert met een raadselachtig zwijgen, wat een eventuele uitleg en analyse van zijn kunst er niet eenvoudiger op maakt. Voor wie het verder weinig kan schelen wat Schneider met zijn kunst wil zeggen en alleen op zijn subjectieve oordeel of het esthetische aspect af wil gaan kan misschien onbekommerd genieten van de vaak toch wel zeer geraffineerde kleurstellingen en composities in dit werk. Ook komt de kijker zoals ikzelf dan misschien wel tot de conclusie dat er niets uit te leggen valt. Je voelt de spanning en de sfeer in het werk of niet , je ervaart de ranzige kelders en onmenselijk witte ruimtes of niet. Als het uitgelegd moet worden mis je al het vermogen om je in te leven en het te voelen, dus te begrijpen, ook na uitleg.

Mijn kritiek.

Van begin af aan heb ik mij flink geërgerd aan de houding van Schneider ten opzichte van de op zich nog niet eens zulke erg stomme vragen stellende journalist.
Oké, je hebt iets bereikt in de kunstwereld en je ster stijgt gestaag maar dat is nog geen reden om introvert en autistisch gedrag te vertonen tegenover mensen die geïnteresseerd zijn in wat je doet of wie je bent.
Ik vraag mij dan in alle oprechtheid af of mijnheer Schneider eenzelfde houding hanteert tegenover museumconservatoren of een kunstbiënnale organisatie, mensen waarvan hij toch min of meer afhankelijk is voor zijn voortbestaan. Als het werk in zijn optiek niet uit te leggen valt kan hij dat toch gewoon mededelen aan degene die de vragen stelt.
Of is hij zo vaak verkeerd geïnterpreteerd door de media dat hij daarom maar niets meer zegt? De kijker van de documentaire moet zelf maar oordelen of zo ?
Intrigerend is het wel.
Het werk op zich kan ik verder zondermeer waarderen en met name het Haus Ur project roept bij mij associaties op met de Merzbouwerij van Kurt-Schwitters. Met eenzelfde gedrevenheid altijd bezig zijn eigen huis tot kunstwerk te transformeren.
Ook de doorleefde uitstraling van de gore muren en vieze plekken is op weinig andere manieren onder de aandacht te brengen dan dat Schneider dat doet.
Als het werk dan nog los wordt gezien van enige picturale betekenis blijft er een serie boeiende vlakken te bekijken met vaak adembenemende schoonheid.
Wat ik mij wel serieus afvraag is of Schneider toch niet in meer of mindere mate gebukt gaat onder een jeugdtrauma en een loodvergiftiging. Met name het laatste is niet ondenkbeeldig als ik zie op wat voor manier hij boven dampende met vloeibaar lood gevulde bakken staat te werken en de hoeveelheid die hij in zijn Haus-Ur heeft verwerkt.
Wat het ook mag zijn, het werk is en blijft interigerend.

Waarom en hoe hier een les aan te wijden?

De gemiddelde middelbare schoolklas kan zonder probleem aan het denken worden gezet bij deze beelden. Het vertonen van een groot aantal dia’s over Schneider en zijn werk biedt volop ruimte tot het stellen van open vragen over hoe de leerlingen deze beelden beleven en waarmee ze deze associëren. Ook een fotografeer opdracht met als uitgangspunt zelf plekken te vinden in de eigen leefomgeving die op één of andere manier te linken zijn aan het werk van Schneider kan een goed beeld geven over wat er in de leerlingen omgaat en hoe ze dit soort kunst beleven.