|
Mijn onderzoek naar en persoonlijke mening over, het werk van Joep van
Lieshout.
Joep van Lieshout is hoofdzakelijk bekend geworden door zijn polyester
sculpturen en gebruiksvoorwerpen die wereldwijd gretig aftrek vinden bij
musea en kunstverzamelaars.
Veel van de meestal manshoge objecten zijn echter evenveel in de publieke
ruimte terug te vinden zoals op pleinen en bij kantoren van overheidsinstellingen
of scholen.
Ook de eveneens van polyester vervaardigde uitstulpende bouwsels die aan
ieder willekeurig gebouw bevestigd kunnen worden ter uitbreiding van de
ruimte zijn inmiddels overbekend. In dit licht bezien zouden we zijn werk
kunnen rangschikken onder toegepaste kunst, maar evengoed onder conceptuele
kunst omdat hij door zijn sculpturen mensen wil prikkelen door ze te laten
nadenken over en anders te laten kijken naar de wereld om hun heen.
Een van opmerkelijkste wapenfeiten in dit kader was de oprichting van
een vrijstaat in het Rotterdams havenkwartier. Geheel self-supporting
zou deze ministaat een autonome staat binnen de gemeentegrenzen van de
stad moeten vormen, met eigen voedselvoorziening, wetgeving enz.. Een
grote fabriek of raffinaderij doet eigenlijk hetzelfde. Met eigen huisregels
en bewakingsmedewerkers vormt een dergelijk bedrijf ook een staat in de
staat. Dat e.e.a. op het Rotterdamse stadhuis met argusogen werd bekeken
zal niemand verbazen en dat men er uiteindelijk met de burgerlijke regels
waar van Lieshout zich nu juist aan wilde onttrekken een punt achter zette
nog minder. Brandveiligheidvergunningen, dreigen met afsluiten van water
en stroom, op alle juridische slakken zout leggen door ambtenaren deden
het project uiteindelijk de das om.
Overgebleven is nu een immense werkruimte waar objecten en sculpturen
door veel in opdracht werkende kunstenaars worden gefabriceerd onder het
toeziend oog van Joep van Lieshout.
Even spraakmakend is het in 2006 gestarte Slave-City project waar in museum
Boymans van Beuningen destijds een uitgebreide expositie aan werd gewijd.
Te zien waren hier maquettes en plattegronden van woonwerk units bestemd
voor ongeveer 200.000 werknemers die zich voornamelijk met call-center
en helpdesk activiteiten moesten gaan bezighouden. Acht uur per dag, dagen
per week in een moordend ploegensysteem. De eenmalige investering van
770 miljoen Euro zou door de jaarwinst van 7,5 miljard snel terugverdiend
zijn. Voorzien van ook weer eigen opleidingsinstituten, voedsel en energie
voorziening zouden deze moderne slavenkampen geheel op zichzelf kunnen
overleven. De tentoonstelling liet een goed doordacht en tot in detail
uitgewerkt business plan zien waarin niets aan toeval werd overgelaten.
Bij een groot deel van het publiek stuitte dit plan net als bij de vrijstaat
destijds op veel onbegrip. De vraag of van Lieshout nu gek dan wel machtswellusteling
of een combinatie hiervan zou zijn geworden drong zich bij menigeen op
en droeg blijkbaar niet bij aan meer begrip voor deze kunstenaar.
Dat er wel eens een totaal andere bedoeling aan deze kunst ten grondslag
zou kunnen liggen dan zo op het eerste gezicht waargenomen kan worden,
hoor of zie ik weinig over in de media en dat komt niet in de laatste
plaats door van Lieshout zelf. Als hij dan een keer de gelegenheid krijgt
om in het programma Zomergasten aan Joris Luyendijk uit te leggen wat
hem zoal beweegt dan hult verbergt hij zich achter een façade van
wat onnozel grijnzen en vage bewoordingen waar de gemiddelde kijker dus
niets verder mee komt. Rest ons dan alleen nog de mogelijkheid om zelf
een conclusie te trekken en misschien is dat nu juist de bedoeling van
Van Lieshout.
Mijn mening over het project “Slave-City” van Joep van Lieshout.
Het bouwen van een modern slavenkamp is wat mij betreft in die zin niet
serieus te nemen dat ik nooit heb kunnen geloven dat van Lieshout iets
dergelijks voor eigen gewin zou willen realiseren of sowieso achter zo,n
idee zou staan. Hier moet een andere gedachte achter zitten en zo wil
ik het ook zien en geloven anders is Van Lieshout dus inderdaad de idioot
zoals velen hem zien. Dat Van Lieshout een uitgekookte zakenman is en
zijn eigen p.r. uitstekend weet vorm te geven kan moeilijk als iets negatiefs
worden gezien en valt evenmin te ontkennen. Andy Warhol deed 40 jaar geleden
hetzelfde met zijn Factory waardoor de beeldende kunst alleen maar meer
aandacht heeft gekregen.
Zoals Van Lieshout met zijn uitstulpingen en aanhangsels aan gebouwen
mijn inziens inspeelt op het chronisch ruimte en privacy tekort op dit
moment zo brengt hij met Slave-City de waanzin van de structuur in onze
huidige maatschappij onder ogen. Het verschil met “zijn “slaven
en de doorsnee kantoormedewerker op een verzekeringskantoor of bankgebouw
is nihil en de overeenkomst meer dan duidelijk.
Gebukt onder moordende concurrentie tussen collega’s en dreigende
kwartaalcijfers sleept deze vrijwillige slaaf zich iedere dag weer van
zijn Vinexwoning met tophypotheek en studerende kinderen plus geldverspillende
vrouw naar het commerciële centrum van de stad om zich weer uit de
naad te gaan werken. In de file, werken, lunchen met collega’s,
werken, weer file, eten, televisie kijken, soms neuken en anders gelijk
slapen plus de volgende dag weer het hele verhaal opnieuw.
Verantwoorde sociale contacten met de jongens van de zaak, potje zaalvoetbal,
naar de hoeren met een goeie klant, en op zaterdag langs de lijn op het
hockeyveld waar dochterlief zich met tegenzin heen laat sleuren. Pianoles
en familiebezoek daarna, vervolgens weer een nieuwe week. Dit alles ter
meerdere glorie van het vrije marktsysteem en diegenen die daar de winsten
van plukken. Ook de winst op de van het salaris aangeschafte goederen
komen weer direct ten goede aan hetzelfde systeem. Helemaal duidelijk
wordt dit met te verdienen bonuspunten bij het behalen van targets en
die ingewisseld kunnen worden tegen diensten of producten uit het bedrijf
waar men werkzaam is. Werknemers die om promotie te kunnen maken voor
de keus gesteld worden om zich volledig voor de firma in te zetten waarbij
het gezins en privé leven ondergeschikt worden verklaart aan de
belangen van het bedrijf. Dit is geen sciencefiction maar voor velen bittere
realiteit. De overeenkomst met Slave-City van Van lieshout wordt alleen
maar beter zichtbaar en het is volgens mij ook de enige en juiste manier
om dit werk te beoordelen.
Waarom en hoe hier een les aan te wijden?
Als onderdeel van een lesprogramma moet het volgens mij zondermeer mogelijk
zijn om leerlingen vanaf havo-4 met dit project van Van Lieshout te confronteren
en er een opdracht aan te verbinden. Gewapend met een digitale camera
zou ik de leerlingen op pad sturen om hun kijk op slaafse werksituaties
te laten vastleggen. De nadruk zou ik dan willen zien liggen op het zich
zonder perspectief moeten inspannen voor een schijnbaar nutteloze maar
andermans kapitaal vermeerderende bezigheid. Het werken in een kantoortuin
zonder ruimte voor eigen initiatief of mogelijkheid tot zelfontplooiing
bijvoorbeeld. Of de machinist van een containerkraan in de haven die in
een vijfploegen continudienst routinematig 9 uur per dag honderden containers,
alleen in kleur onderling verschillend, van het ene punt naar het andere
verzet. En zo zijn er nog talloze voorbeelden. Na afloop moeten de leerlingen
hun werk dan uitlezen op de pc. waarna de hele serie klassikaal beken
en becommentarieerd kan worden. Hieruit kun je dan als docent het gevoel
voor maatschappelijk geëngageerd zijn meten bij de leerlingen en
of de thematiek al dan niet begrepen is. Ook krijg je inzicht in compositiegevoel,
camerabeheersing enz..
|